School voor Imaginatie

Imaginatie-technieken

Imaginatie betreft niet alleen visuele beelden, het betreft alle innerlijke zintuigelijke ervaringen: innerlijke beleving van tast, geluid, geur, zien, beweging, gevoel, etc. Het inschakelen van meerdere zintuigen verdiept in het algemeen de imaginatie.

De verschillende imaginatie-technieken zijn:

• waarnemen van een beeld (de persoon, het subject, als waarnemer)

• gevoelscontact met een beeld (in de imaginatie dichterbij gaan, de sfeer voelen, aanraken, etc.)

• dialoog met een beeld (een ‘intuitief’ gesprek met een beeld; het beeld ‘spreekt’ net als dat in sprookjes kan gebeuren)

• identificatie met een beeld (veréénzelviging met het beeld; het subject wordt één met het beeld)

• creatieve expressie (schrijven, tekenen, schilderen, beeldhouwen, fotograveren, dichten, zingen, muziek, dramatische expressie, etcetera)

• betekenis geven aan een beeld, waarmee inzicht en kennis verkregen wordt

• de toepassing in de concrete werkelijkheid van ‘het beeld’, d.w.z. op een aanvaardbare, haalbare wijze in de praktijk brengen van het beeld (smart), door het te vertalen in concreet handelen (gedrag) in de context van het leven van alledag (privé, werk, etc.).

Imaginatie vereist geen bijzonder intelligentie-niveau, maar wel dat de persoon open wil staan voor zijn innerlijke beeldenwereld. Als het lukt dat contact te krijgen, dan blijkt dat het veelal een betekenisvolle beleving is met, op den duur, gevolgen in het gevoelsleven, het denken en het concrete gedrag.

De rol van de coach (begeleider) is om de cliënt te helpen zijn weg en eigen oplossingen te vinden in zijn beeldenwereld en dat vervolgens in doelbewust gedrag te concretiseren. Soms volgt de coach de cliënt, soms stuurt hij, al naar gelang nodig is. Beide begeleidingswijzen behoren tot zijn instrumentarium.

Er zijn meerdere niveaus te onderscheiden waarop imaginatie werkzaam is.